Bij Nevero maken we audiovisuele projecten toegankelijk voor anderstaligen of mensen met een visuele of auditieve beperking.

Vertaling

Waarom je niet zomaar een film mag vertalen of ondertitelen

Vorige week trok een artikel van de ombudsman van De Standaard mijn aandacht. In ‘Je mag niet zomaar artikels vertalen’ legt Tom Naegels uit dat een journalist zich wel op teksten van collega-journalisten mag baseren bij het schrijven van een artikel, maar dat hij of zij in geen geval hele paragrafen mag overschrijven c.q. vertalen. Zelfs met een bronvermelding is er dan sprake van plagiaat.

Dat verhaal deed me weer denken aan het artikel ‘Ondertitelaars films en series slepen Stichting Brein voor de rechter’, dat op 3 februari op de site van de NOS verscheen. Voor de duidelijkheid: de ‘ondertitelaars’ waar het in dit artikel over gaat, zijn geen professionele vertalers en ondertitelaars, maar amateurs die als hobby films vertalen en ondertitelen. Hoewel ze daarmee de Auteurswet overtreden, zijn deze hobbyisten zich van geen kwaad bewust. Immers, die wet is al zo oud dat de regels vast niet meer van toepassing zijn…

De meeste mensen zullen begrijpen dat je niet zomaar een roman mag kopiëren en uitdelen – zelfs niet als je het gratis doet. Daarmee benadeel je namelijk de auteur van het oorspronkelijke boek. Om dezelfde reden mag je geen films van het internet halen en verder verspreiden. Maar je mag ook geen ‘bewerkingen’ maken van dergelijke werken. En een vertaling wordt gezien als een bewerking.
Vandaar dat het verboden is om op eigen houtje een boek te vertalen en die vertaling met anderen te delen. Je mag gerust een boek vertalen als je dat leuk vindt om bijvoorbeeld je talenkennis bij te houden, zolang je die vertaling maar voor jezelf houdt. Hetzelfde geldt voor het vertalen en ondertitelen van films. Zolang je het resultaat van je inspanningen niet met anderen deelt, doe je niemand kwaad – tenminste, voor zover je op een legale manier aan het videomateriaal bent gekomen… Maar je mag die vertalingen en ondertitels niet verder verspreiden.

Een nijvere bij in een veld witte lavendel.

Een nijvere bij in een veld witte lavendel.

Sommige amateur-ondertitelaars beweren dat dankzij hen films en dergelijke toegankelijk worden voor mensen die de oorspronkelijke taal niet machtig zijn of voor dove en slechthorende kijkers. Dat is een heel nobel streven, maar ook dan heb je de toestemming nodig van de oorspronkelijke makers van de film – en die hebben ze niet.

Het spreekt voor zich dat wij wél de nodige toestemmingen hebben voor de vertalingen en ondertitels die we maken.

gepubliceerd op 25 februari 2016

Zelf video’s ondertitelen – of toch maar niet?

Nevero is gespecialiseerd in het vertalen en ondertitelen voor bioscoop, tv en internet. Maar kun je dat niet net zo goed zelf doen? En waar moet je dan op letten? Dat zijn twee vragen die wij de laatste tijd steeds vaker krijgen. In dit artikel geven we het antwoord op de eerste vraag. De tips komen een volgende keer aan bod.

Ondertitelen – zo moeilijk kan dat toch niet zijn…
Het lijkt zo eenvoudig, ondertitelen. Je vertaalt ‘gewoon’ een script en klaar is Kees! En ondertitelen voor doven en slechthorenden is helemaal een fluitje van een cent, want daarvoor hoef je ‘alleen maar’ in te tikken wat er gezegd wordt.

Of toch?
Toch komt er veel meer bij kijken. Zo worden ondertitels niet in een tekstverwerker, maar in gespecialiseerde ondertitelsoftware aangemaakt. Op internet kun je heel wat gratis software vinden om ondertitels te maken (denk aan Subtitle Workshop), maar echt gebruiksvriendelijk zijn die pakketten niet. En bovendien heb je daarmee nog geen kant-en-klare ondertitels.
De ondertitelaar vult nl. niet alleen wat tekstblokjes in, maar vooral (en dat is heel belangrijk) de tijdcode-informatie die bij die tekstblokjes hoort. Met andere woorden: wanneer komt de ondertitel in beeld en wanneer moet hij weer verdwijnen? Bovendien is er maar een beperkte ruimte op het scherm en mogen de ondertitels ook niet te snel voorbij flitsen, want dan kan niemand ze nog lezen. Al bij al is het dus een heel delicaat proces waarbij je voortdurend tijd en plaats tegen elkaar moet afwegen. Daarnaast moet je ook onberispelijk schrijven, want niets leidt de aandacht van de kijker meer af dan een ondertitel waar een taalfout in staat. En dan hebben we het nog niet eens over je kennis van vreemde talen die broodnodig is wanneer je vertalende ondertitels wilt maken.

Professionele ondertitelaars
Ondertitelen is dus niet iets wat je in een middagje leert, integendeel. De mensen die bij ons beginnen, hebben toch wel een paar maanden nodig om de basis van het ondertitelen onder de knie te krijgen. Maar al die inspanningen lonen wel: een ervaren ondertitelaar werkt algauw 20 tot 30 minuten programma per dag af, afhankelijk van hoeveel er gesproken wordt in het programma en de moeilijkheidsgraad.

Kant-en-klaar
En als de ondertitels klaar zijn, leveren wij ze in het gewenste formaat aan: een apart bestandje dat de videospeler kan lezen voor internetondertiteling, een videobestand met de ondertitels vast in beeld gebrand, een ‘professioneel’ fileformaat zoals .pac voor een tv-zender, …

Kortom: door ondertitelwerk aan een professional uit te besteden, bespaar je jezelf veel tijd en kopzorgen!

oorspronkelijk gepubliceerd in juni 2011 op kmonet.be

 

Over Jack de tonijnvisser en Vivian Maier de fotografe

Deze week heb ik voor het eerst een maaltijdbox van HelloFresh besteld (ja, dat was inderdaad een van m’n goede voornemens). Ik vond het een erg makkelijke manier om nieuwe, gezonde recepten uit te proberen, maar wat ik vooral leuk vond aan de box, was dat tussen de recepten ook wat achtergrondinformatie zat over de tonijn die in het pakket zat. Het was namelijk niet zomaar een tonijn, nee, deze tonijn was gevangen door Jack, die met zijn boot de Millie G. voor de kust van Californië met een hengel op tonijn vist. Bij het tekstje stond ook een foto van Jack op z’n boot en een gigantische tonijn.

Dat tekstje zette me aan het denken. Natuurlijk is het een leuke marketingtruc om een ‘verhaaltje’ aan een product te koppelen, maar dit verhaal is authentiek, en dat maakt het anders. In feite probeer ik met mijn blog precies hetzelfde te doen en ik heb me voorgenomen om dit jaar nog vaker een blik achter de schermen te geven in mijn blogartikelen (inderdaad, nog een goed voornemen).

Een van mijn laatste projecten van vorig jaar was de documentaire Finding Vivian Maier, die ik voor Canvas heb vertaald en ondertiteld. In de documentaire werd hoofdzakelijk Engels gesproken, maar er zaten ook een paar Franse fragmentjes in. Nu zijn Frans en Engels mijn twee belangrijkste brontalen (dat wil zeggen de talen waar ik uit vertaal), dus dat kwam goed uit. Maar zelfs als ik geen Frans had gestudeerd, zou dat voor deze documentaire geen groot probleem zijn geweest, want naast de Engelse uitgeschreven tekst van de dialogen, kreeg ik ook een Engelse vertaling van de Franse fragmenten waar ik me op kon baseren.

Sommige vertalers zullen nu zeggen dat je alleen mag vertalen uit de talen die je zelf beheerst (en op zich ben ik het daar wel mee eens), maar in de praktijk gebeurt het soms dat je als ondertitelaar een bestaande vertaling krijgt als basismateriaal. Nu is het voor gangbare talen als Frans of Duits meestal wel mogelijk om een vertaler te vinden die rechtstreeks uit de brontaal kan ondertitelen, maar voor minder courante talen kan zo’n tussenvertaling een goede oplossing zijn. Overigens, ook conferentietolken vertalen niet altijd rechtstreeks uit de taal van een spreker. Als zij via een tussenvertaling werken, heet dat ‘op relais’ tolken.

Voor Finding Vivian Maier heb ik zelf rechtstreeks uit het Frans en het Engels ondertiteld met de uitgeschreven teksten als referentiemateriaal. In de documentaire wordt het verhaal verteld van Vivian Maier, een kindermeisje uit New York dat in haar vrije tijd de stad in trok om foto’s te maken. Na haar dood werd haar werk per toeval ontdekt en werd ze uitgeroepen tot een van de grootste straatfotografen van de twintigste eeuw.

gepubliceerd op 9 januari 2016

Gastcollege aan de KU Leuven – Campus Antwerpen

Afgelopen maandag heb ik een gastcollege gegeven aan de studenten van het Postgraduate Programme in Specialised Translation aan de KU Leuven – Campus Antwerpen. Zoals de naam al aangeeft, is dit een Engelstalige opleiding en dus gaf ik mijn college ook in het Engels.

Mijn presentatie had de titel Audio Description and Other Forms of Media Accessibility en is een vast onderdeel van het vak Audiovisual Translation binnen deze opleiding. In vier uur tijd heb ik de studenten wegwijs gemaakt in een aantal bijzondere vormen van audiovisuele vertaling die allemaal onder de noemer ‘mediatoegankelijkheid’ vallen.

Mediatoegankelijkheid houdt in dat je audiovisuele informatie toegankelijk maakt voor iedereen. Denk maar aan ondertitels voor doven en slechthorenden, waarbij we geluiden omzetten in geschreven vorm zodat mensen met een auditieve beperking toch weten wat er allemaal te horen is in bijvoorbeeld een film of tv-programma.

Audiodescriptie valt ook onder mediatoegankelijkheid, want hierbij maken we informatie toegankelijk voor mensen die blind of slechtziend zijn. En net zoals ondertiteling is audiobeschrijving een vorm van vertaling omdat audiovisueel materiaal wordt omgezet van de ene vorm in de andere (beelden worden woorden, dus visuele informatie wordt omgezet in een gesproken vorm).

Naast audiodescriptie en ondertiteling had ik het ook over mengvormen waarbij we bijvoorbeeld ondertitels ‘hoorbaar’ maken voor mensen die niet (goed) zien. En tot slot gaf ik steeds aan welke kennis en vaardigheden vereist zijn om dit werk te kunnen doen.

Tijdens het college kreeg ik al verschillende vragen van de studenten en ook achteraf heb ik nog vragen en positieve reacties gehad. En zo komen er binnenkort weer een aantal nieuwe audiovisuele vertalers op de markt voor wie mediatoegankelijkheid iets minder geheimen heeft.

gepubliceerd op 17 december 2015

Transcriptie en vertaling

Een van onze eerste opdrachten in 2015 was het maken van een aantal transcripties en vervolgens het vertalen van een van deze transcripties voor een nieuwe klant. Aangezien de klant om een vertaling van een transcript vroeg, ging er bij mij meteen een alarmbelletje rinkelen.

Zoals ik al eerder schreef, kán zo’n uitgeschreven tekst handig zijn als je een video- of audiobestand wil laten vertalen, maar het is niet altijd noodzakelijk (zie: https://www.nevero.be/de-zin-en-onzin-van-transcripties/). Onze vertalers werken immers ook op gehoor, en dat maakt het perfect mogelijk om rechtstreeks de audio te vertalen.

In dit geval bleek het wel nodig om eerst een transcriptie aan te maken en dan pas een vertaling. Het ging namelijk om een aantal interviews en de klant wilde op basis van onze teksten en vertalingen de juiste stukjes selecteren om een beknopte montage te maken. Bovendien vroeg de klant of we, naast een tijdcode-identificatie (in minuten en seconden), ook zo letterlijk mogelijk konden weergeven wat er gezegd werd, dus inclusief alle haperingen. Ook die informatie was nuttig bij het maken van de uiteindelijke montage omdat zo’n korte hapering vaak een goed moment is om te knippen.

Ons werk bleek in de smaak te vallen, want intussen heeft de klant nog meer interviews doorgestuurd die we mogen uitschrijven.

oorspronkelijk gepubliceerd in januari 2015 op kmonet.be

Vertalen onder tijdsdruk

Toen ik nog studeerde, had ik voor verschillende vertaalvakken docenten uit de praktijk. Een van hen herinner ik me nog goed, meneer C. zal ik hem hier maar noemen.

Meneer C. begon vrijwel al z’n lessen met een ‘spoedopdracht’. Dat was een tekstje van drie à vier regels dat we in korte tijd moesten vertalen en dan moesten inleveren. Hoewel, ‘korte tijd’… In mijn herinnering was het maar twee of drie minuten (in elk geval nooit genoeg), maar in het echt zullen het er vijf à zes zijn geweest. Voor meneer C. waren die spoedopdrachten dé manier om de ‘echte’ vertalers eruit te pikken. Want een vertaler moet niet alleen goed kunnen vertalen, hij of zij moet ook onder tijdsdruk goed kunnen vertalen.

Toen ik laatst zelf een beginnende vertaler in huis had, heb ik vaak teruggedacht aan de spoedvertalingen van meneer C. Want wat bleek: het ontbrak mijn stagiaire niet aan vertaalcapaciteiten, maar werken onder tijdsdruk bleek nieuw te zijn voor haar. Niet dat wij onze stagiairs zo onder druk zetten, integendeel. Zeker de eerste weken geldt hier: het werk moet goed zijn, niet snel. Maar waar een student haast eindeloos kan blijven schaven aan een vertaling, moet een stagiair wel op tijd indienen. En dat viel niet altijd mee.

Uiteindelijk is het de bedoeling van een stage dat je kennismaakt met de praktijk en dat je daaruit bijleert en vertalen onder tijdsdruk is iets typisch voor de vertaalpraktijk. Maar toch… Stiekem dacht ik dat het goed zou zijn als er op vertaalopleidingen meer docenten rondliepen als meneer C.

oorspronkelijk gepubliceerd in maart 2015 op kmonet.be

Artikel in Meta over audiodescriptie en audio-ondertiteling

Het juninummer van 2012 van het internationale vertaaltijdschrift Meta had als thema ‘La manipulation de la traduction audiovisuelle / The Manipulation of Audiovisual Translation’. Een van de artikelen gaat over ons onderzoek naar audiodescriptie in combinatie met audio-ondertiteling.

Audiodescriptie of AD is een techniek om audiovisuele informatie (bijvoorbeeld een speelfilm) toegankelijk te maken voor blinden en slechtzienden. Maar wat als er in een film ondertiteling gebruikt wordt om dialogen in vreemde talen te vertalen? Wie niet (goed) ziet, kan immers ook geen ondertitels lezen…

Samen met Aline Remael van de Universiteit Antwerpen en het Nederlandse bedrijf Soundfocus onderzoeken wij de verschillende manieren om zulke ondertitels toegankelijk te maken voor de doelgroep. Ons onderzoek is in 2012 op verschillende congressen aan bod gekomen, en er is dus ook een artikel over verschenen in Meta.

Een beknopte samenvatting (in het Engels en het Frans) is te lezen via deze link: http://www.erudit.org/revue/meta/2012/v57/n2/1013952ar.html?vue=resume&mode=restriction. Het artikel zelf is alleen toegankelijk voor abonnees en is in het Engels opgesteld.

 

oorspronkelijk gepubliceerd in maart 2013 op kmonet.be

Vertalende ondertiteling in combinatie met audiodescriptie

In november 2012 vond in Berlijn het negende Languages & The Media-congres plaats. Dit keer stond er erg veel audiodescriptie op het programma en een van de presentaties ging over een onderzoek waar Nevero aan meewerkt en waarin het vertalen van ondertitels in audiodescriptie centraal staat.

Audiodescriptie bestaat er nl. in dat, tussen de dialogen en belangrijke achtergrondgeluiden van een film of tv-programma, extra informatie wordt toegevoegd zodat mensen met een visuele beperking het programma makkelijker kunnen volgen. Maar wat als er een vreemde taal wordt gesproken in het programma?

Blinden en slechtzienden kunnen uiteraard geen ondertitels lezen, dus hoe maak je die informatie toegankelijk voor hen? Sinds we zo’n drie jaar geleden voor het eerst met deze vraag geconfronteerd werden, hebben we verschillende manieren ontwikkeld om ondertitels ‘hoorbaar’ te maken. De meest eenvoudige methode bestaat uit een voice-over waarbij één of twee stemmen alle dialogen voor hun rekening nemen en een beknopte samenvatting geven van wat er gezegd wordt, ongeveer zoals dat op de Franse televisie gebeurt bij interviews en reality-tv. Maar er zijn ook andere mogelijkheden en de meest uitvoerige die we tot nu toe hebben toegepast, hield in dat alle dialogen in een film in het Nederlands nagesynchroniseerd of gedubd werden, indien mogelijk zelfs door de oorspronkelijke auteurs.

Voor de volgende stap van het onderzoek gaan we de verschillende methodes op een aantal fragmenten toepassen en die fragmenten testen we vervolgens uit op een publiek.

Maar eerst is het onderzoek begin december 2012 gepresenteerd op een congres in Australië én kregen we de vraag van een Australische tv-zender om de presentatie uit Berlijn nog eens over te doen. Al bij al is de buitenlandse interesse dus groot, zeker aangezien het onderzoek dit voorjaar al eens gepresenteerd is op een congres in Canada. Wordt vervolgd dus…

oorspronkelijk gepubliceerd in december 2012 op kmonet.be

Gezocht: ‘stukjesstage’

Onlangs kreeg ik een mailtje van een studente die graag 150 uur stage wilde lopen bij Nevero. Alleen bleek algauw dat ze die stage in stukjes van hier en daar een dag en vooral veel halve dagen zou moeten doen. Een ‘stukjesstage’, dus.

Eerder dit jaar heb ik nog een stagiair in huis gehad en ik vind het heerlijk om toekomstige vertalers te begeleiden. Alleen moet het wel doenbaar blijven. Studenten werken trager dan ervaren vertalers (wat ook normaal is, aangezien ze het vak nog moeten leren), maar een stagiair die af en toe eens een dag of een halve dag komt, kan eigenlijk geen ‘echte’ opdrachten doen. En dat is een probleem, zeker in een sector waar veel werk dringend is.

Ik ben een groot voorstander van stages en 150 uur is wat mij betreft ook het minimum om een goede stage te kunnen organiseren. Tijdens zo’n stage moet de student immers kennismaken met de verschillende aspecten die bij het werken in de praktijk komen kijken. Een stagiair moet dus niet alleen een bepaald aantal teksten vertalen / schrijven of video’s ondertitelen (dat komt in de opleiding ook aan bod), maar vooral leren hoe je omgaat met klanten en hun verwachtingen, wat de verschillende stappen in het vertaalproces zijn en welke andere taken er in een vertaalbedrijf uitgevoerd worden (projectmanagement, revisie en kwaliteitscontrole, enz.) en, heel belangrijk, hoe het is om te werken als je een ‘echte’ deadline moet halen.

Waarom universiteiten aan de ene kant verwachten dat studenten 150 uur stage lopen en aan de andere kant denken dat die 150 uur haalbaar zijn in stukjes van hier en daar een dag of een halve dag, is mij eerlijk gezegd een raadsel. Stel dat een student de helft van de stage kan doen in losse dagen en de andere helft in halve dagen, dan heb je het algauw over dertig verplaatsingen. En Maasmechelen ligt nu niet bepaald bij de deur, dus tel daar ook nog de nodige reistijd bij… Veel logischer zou zijn om een aantal weken geen lessen te geven, zodat studenten ten minste de kans krijgen om in alle rust stage te lopen. Overigens, minstens één vertaalopleiding past dit systeem al toe en zorgt voor lesvrije weken.

En om af te sluiten: dit academiejaar (2015 – 2016) bied ik zelf geen stage aan, maar mijn collega Pascal Govaert van PGVR (met wie ik een kantoor deel) wel. Zit je dus in het laatste jaar van een masteropleiding waarin talen centraal staan (bij voorkeur de master Vertalen) en zoek je nog een stageplek, neem dan zeker een kijkje op http://www.pgvr.be/stage.

gepubliceerd op 15 oktober 2015

De vertaling en ondertiteling van Les Géants

Op zaterdag 26 september zendt Canvas de Belgische film Les Géants uit. De vertaling en ondertiteling van deze film zijn van mijn hand. In dit blogartikel leg ik uit hoe die ondertitels tot stand zijn gekomen.

Een tijdje geleden schreef ik een algemeen artikel over hoe vertalend ondertitelen in z’n werk gaat (zie https://www.nevero.be/hoe-werkt-vertalend-ondertitelen/). Les Géants was een speciaal geval omdat ik niet alleen het videomateriaal en het Franse script had gekregen als basismateriaal, maar ook een bestaand Nederlands ondertitelbestand.

Nu zou je je af kunnen vragen waarom de VRT een nieuwe ondertiteling laat maken als er al ondertitels bestaan, maar algauw bleek dat de bestaande ondertitels niet echt bruikbaar waren. Los van verschillende technische aspecten bleek nl. dat de vertaling ook qua vorm en inhoud te wensen overliet.
Zo was de indeling vaak niet logisch. Als je bijvoorbeeld twee sprekers combineert in een ondertitel, dan is het niet handig als in de tweede regel van die ondertitel een vraag wordt gesteld die wordt beantwoord in de eerste regel van de volgende ondertitel, waarop dan weer een nieuwe vraag volgt die in de volgende ondertitel pas beantwoord wordt, enz. Bovendien bleek de vertaler het moeilijk te vinden om het Franse geratel beknopt te vertalen waardoor sommige ondertitels in een moordtempo voorbij geracet kwamen.

En zo komt het dat ik de vraag kreeg om de film opnieuw te vertalen. Maar geen nood, het script zou een grote hulp zijn, toch? Toegegeven, het script was zeker niet slecht. Alleen… net de stukken waar de personages moeilijk te verstaan waren, ontbraken vaak en wat er stond kwam niet altijd overeen met wat er gezegd werd. Zelf goed luisteren was dus de boodschap. Op zich geen probleem, alleen werd er veel jongerentaal gesproken in de film en dan in het bijzonder ‘verlan’, het verschijnsel waarbij lettergrepen als het ware ‘omgedraaid’ worden. Het woord verlan op zich is hier al een goed voorbeeld van, want het is l’envers (het omgekeerde) waarbij de lettergrepen omgekeerd worden uitgesproken (zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Verlan). Gelukkig heb ik een Franstalige collega bij wie ik voor dat soort gevallen terechtkan.

Een andere uitdaging was het bijzonder grove taalgebruik van de drie hoofdpersonages. De algemene regel is dat scheldwoorden worden afgezwakt in ondertiteling. In geschreven vorm komt schelden ‘harder’ over dan in gesproken vorm en veel mensen verstaan voldoende Frans om te begrijpen waar het over gaat. Dat is ook de reden dat je vrijwel nooit uitroeptekens ziet in vertalende ondertiteling: de kijker hoort dat er geroepen wordt, dus is het niet nodig om dat nog eens extra te benadrukken. Alleen zit er in deze film een scène waarin de hoofdpersonages tegen elkaar op beginnen te bieden met scheldwoorden… Als je het dan op ‘jeetje’ en ‘potverdorie’ houdt, doe je afbreuk aan het verhaal en kan het zelfs onbedoeld komisch overkomen. Vandaar dat vanaf dat punt wat sterker vertaald werd dan gebruikelijk.

Al bij al was het dus een behoorlijk uitdagend vertaalproject. Het resultaat is zaterdag om 22.10 uur te zien op Canvas.

 

gepubliceerd op 24 september 2015