Bij Nevero maken we audiovisuele projecten toegankelijk voor anderstaligen of mensen met een visuele of auditieve beperking.

Ondertiteling

Ondertitelen van licht medische video’s voor een congres

Eind mei werden we benaderd door een arts uit een ziekenhuis in België*. Een collega van hem zou in juni op een congres in het buitenland spreken over een behandelmethode die het ziekenhuis had ontwikkeld. Als onderdeel van zijn presentatie had hij enkele video’s gemaakt die hij graag wilde laten zien, mét Engelse ondertitels, uiteraard.

In eerste instantie was onze opdracht enkel om de video’s te ondertitelen in het Engels, maar nog voordat we daaraan begonnen, had mijn technische collega al enkele suggesties. Zo stond het geluid in de oorspronkelijke video’s nogal zacht en was het begin en het eind van elke video nogal abrupt. Zou het niet beter zijn om het geluid wat op te trekken en een korte intro en outro toe te voegen? De klant kon zich daar wel in vinden en besloot meteen dat we de losse video’s evengoed aan elkaar konden plakken zodat alles netjes in hetzelfde bestand zou staan. De ondertitels zouden vervolgens in de video gebrand worden, waardoor hij een kant-en-klaar eindproduct zou krijgen.

Werkwijze

Toen we dat allemaal hadden besproken, was het tijd om aan de vertalingen te beginnen. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is het niet zo dat wij eerst een transcriptie maken van de Nederlandse dialogen en die dan in het Engels vertalen en in ondertitelblokjes gieten. 

Als ondertitelaar werk je op gehoor bij het maken van de vertaling. Onze manier van vertalen houdt ook in dat de vertaling vanaf het begin wordt ingedeeld in ondertitels (d.w.z. één of hooguit twee korte regels per tekstblokje). Daarnaast verzorgen wij de timing of spotting van de ondertitels, waarbij we bepalen wanneer elke ondertitel precies in beeld komt en wanneer de ondertitel weer verdwijnt. Hierbij houden we rekening met de beschikbare tijd (m.a.w. hoe korter een blokje in beeld blijft, hoe minder tekst we gebruiken).

De toonbank van een ouderwetse apotheek met op de achtergrond een rek vol potjes

Uiteraard werd de vertaling gemaakt door een ervaren ondertitelaar, die een native speaker is van het Engels. Toen de vertaling klaar was, volgde een grondige controle van de vertaling door een tweede vertaler (eindredactie). Hierbij letten we op eventuele afluisterfoutjes en controleerden we ook het Engels op spelling en grammatica. Tot slot stuurden we de vertalingen door ter goedkeuring voor we de ondertitels in de video lieten branden.

Natuurlijk kreeg de klant de nodige tips en richtlijnen voor het nalezen van de ondertitels zodat hij wist waar hij op moest letten. Nadat we in overleg met de vertaler de laatste puntjes op de i hadden gezet, konden de ondertitels aan de video worden toegevoegd en kon de collega van de arts met een gerust hart naar z’n congres vertrekken.

*Vanwege de vertrouwelijkheid van het materiaal geef ik verder geen informatie over het ziekenhuis en de behandelmethode.

gepubliceerd op 13 augustus 2019

Commentaarvertalen – deel 1

‘Commentaarvertalen’ is een vorm van audiovisuele vertaling waarbij je de tekst van een ‘onzichtbare’ verteller vertaalt. Deze tekst wordt vervolgens opnieuw ingelezen in de studio en aan het programma toegevoegd, waarbij de oorspronkelijke stem (uiteraard) wordt weggehaald.

In tegenstelling tot ondertiteling komt commentaarvertalen nauwelijks aan bod in de vertaalopleiding. Om daar wat aan te doen, behandel ik het in een van de gastcolleges die ik geef. Meer daarover lees je in dit artikel op mijn Nederlandse blog.

Hoe gaat het vertalen van zo’n commentaarstem nu in z’n werk?

Veel commentaarvertalers beginnen als ondertitelaar en krijgen na verloop van tijd de vraag of ze een programma willen vertalen waar ook een commentaarstem in zit. Zelf ben ik ook zo begonnen. Eigenlijk is het ook logisch, want het vertaalwerk wordt altijd door een en dezelfde persoon gedaan. Het is dus niet zo dat één iemand de interviews ondertitelt en dat iemand anders de voice-over vertaalt. Op die manier blijven beide vertalingen ook consequent. Je weet namelijk welke termen je op welke manier vertaald hebt in het commentaar, dus dan neem je die vertaling over in de ondertitels.

 

Beginbeeld uit de serie HAN. Een kudde przewalskipaarden in een veld met in gele letters onze credits: Stem: Peter Cremers en Vertaling: Susanne Verberk.

De allereerste keer dat ik een commentaarvertaling deed, was mijn eerste gedachte dat het veel makkelijker zou zijn dan ondertiteling, waarbij je moet priegelen om je vertaling in hooguit twee korte regeltjes te krijgen.

Aan de ene kant klopt dat, want in een commentaartekst heb je soms blokken van 10 seconden of meer waarin je lekker door kunt schrijven zonder te moeten zoeken naar een synoniem dat net één letter korter is ‘zodat het past’. Aan de andere kant zijn veel technische beperkingen nog steeds van toepassing. Zo mag de tekst in de meeste gevallen niet langer worden dan het origineel omdat het commentaar moet passen tussen de dialogen in beeld. Daarvan blijft het oorspronkelijke geluid behouden, dus de commentaarstem moet uitgepraat zijn vóór er iemand in beeld begint te praten.

Alleen als een programma uit enkel commentaar bestaat, zou je hier en daar meer kunnen vertellen dan in de oorspronkelijke versie. Maar net zoals bij ondertiteling moet het commentaar passen bij de beelden die de kijker te zien krijgt. Het is vreemd als een commentaarstem bezig is over leeuwen die hun prooi besluipen terwijl ze in beeld die prooi al lang gevangen hebben…

Commentaarvertalen vs. ondertitelen

Wat commentaarvertalen moeilijker maakt dan ondertitelen is dat de kijker de tekst alleen te horen krijgt. Alles moet dus meteen duidelijk zijn. Bovendien schrijf je een tekst die goed in het oor moet liggen. Dat is iets wat wel wat training vergt, want in vertaalopleidingen wordt vrijwel uitsluitend met geschreven teksten gewerkt. Dat schrijven van ‘luisterteksten’ komt natuurlijk ook terug in audiodescriptie.

 

Tot slot ziet de workflow er iets anders uit dan bij vertalend ondertitelen. Als je ondertitelt, gaat je vertaling (als het goed is) nog eens naar een eindredacteur vóór de uitzending. Daarbij beoordeelt een tweede ondertitelaar of je werk aan alle technische afspraken en instellingen voldoet en of de vertaling klopt. Eventueel is er daarna een kort overleg (meestal per mail) en worden de ondertitels klaargezet voor uitzending.

Een commentaarvertaling wordt door twee of drie mensen nagelezen voor opname. In de eerste plaats is er, net zoals bij ondertiteling, een eindredacteur die de vertaling beoordeelt. Daarna gaat de tekst naar de stemregisseur, die tijdens de opnames de regie doet, en die de tekst ook grondig doorneemt. Vaak vullen eindredacteur en stemregisseur elkaars feedback aan voor de tekst teruggaat naar de vertaler voor een laatste check. Pas daarna gaat de tekst naar degene die het commentaar inleest in de studio, en ook hij/zij kan soms nog wat aanpassingen/vragen of suggesties hebben. Het lijkt misschien wat omslachtig, maar in de praktijk werkt het heel goed!

In het tweede deel uit deze reeks over commentaarvertalen ga ik wat dieper in op het vertaalwerk zelf. Een van de grootste uitdagingen bij deze vorm van vertaling is namelijk dat je soms heel veel afstand moet/mag nemen van de tekst.

gepubliceerd op 3 juli 2019

 

Zomerreeks HAN – Humans, Animals, Nature

Sinds 1 juni kun je elke zaterdagavond op één kijken naar de achtdelige documentairereeks HAN – Humans, Animals, Nature. De vertalingen zijn van mijn hand, en dat zijn er heel wat.

Naast de ondertitels bij de Franse dialogen, heb ik ook de teksten van de commentaarstem geschreven én de tussentekstjes die in beeld verschijnen. Het Nederlandse commentaar wordt ingelezen door Peter Cremers, en ik heb ook de regie tijdens de opnamesessies mogen doen.

Aangezien het om acht afleveringen in totaal gaat, nemen we elke week bij twee afleveringen het commentaar op. De commentaarstem neemt alleen de tekst van de (oorspronkelijk Franse) voice-over voor z’n rekening. Als er mensen in beeld praten, krijgt de kijker de vertaling in ondertitelvorm te zien. Als ik niet aan het regisseren ben bij de VRT, ben ik onder andere bezig met het ondertitelen van de interviews uit de reeks.

Commentaar vertalen vs. ondertitelen

Waar je als vertaler van commentaarteksten de originele stem volledig mag en moet wegdenken, moet je bij het vertalen van de ondertitels veel dichter bij het origineel blijven. Bovendien moet je zorgen dat je vertaling in kleine blokjes past van hooguit twee regels die ook nog eens aan allerlei technische vereisten moeten voldoen. Ondanks dat (of misschien juist daardoor) probeer ik toch altijd elk personage z’n eigen stem mee te geven in de ondertitels.

In deze reeks zijn vooral dierenarts Goulven en ranger Anthony veel aan het woord. Waar Goulven meestal heel nuchter en zakelijk beschrijft wat z’n werk precies inhoudt en wat hij zoal doet, legt Anthony veel meer emotie in z’n woorden. Vooral als hij tegen en over de dieren praat die hij verzorgt, is het voor mij als vertaler altijd een plezier als het lukt om die liefde mee te geven. Zo zegt hij over een wolvin die net in het park is aangekomen dat ze toch zo mooi is en als hij een grommende veelvraat probeert te vangen, vertelt hij haar hij heel geduldig dat het voor haar eigen bestwil is.

Op de schermafbeelding uit mijn ondertitelsoftware staan Goulven en Anthony bij het quarantainehok van veelvraat Grahma. Goulven heeft net uitgelegd waarom ze haar moeten vangen (“Ik wilde het snel laten doen omdat ze hard achteruitging”) en meteen begint Anthony het beestje te kalmeren (“Grahma, Grahma toch…” “Waar zit je, meisje?”). Een mooi voorproefje uit de aflevering van zaterdag 8 juni.

Compenseren

Als je vertaalt, lukt het niet altijd om alle nuances van het origineel weer te geven in je tekst. Bij vertalend ondertitelen is het helemaal lastig omdat je dan ook nog rekening moet houden met een aantal technische beperkingen zoals het maximumaantal karakters dat je per regel kunt gebruiken. Maar soms lukt het wel om bijvoorbeeld een woordspeling ergens anders in je tekst te compenseren. Dat geluk had ik toen ik bezig was aan aflevering 4 van HAN.

In deze aflevering proberen de rangers een boze oeros weg te jagen van een vrouwtje dat ze net verdoofd hebben. Maar de stier wil niet wijken, zelfs niet als ranger Anthony op hem afstapt. Helemaal gefrustreerd roept hij: “Ah, putain, la vache!” Het is dus een uitroep van frustratie, maar het grappige is dat ‘vache’ ook koe betekent, al zal Anthony daar op dat moment niet bij stilgestaan hebben. Ik heb het dus gewoon vertaald als “Het is niet waar, hè”.

Toch bleef die koe door m’n hoofd spoken. Twee ondertitels later al zag ik m’n kans schoon, want dan zegt diezelfde Anthony: “On a affaire à un animal, quand on parle des Aurochs, qui a une puissance phénoménale.” Hij vertelt dus gewoon dat oerossen enorm sterk zijn ofwel… loeisterk in mijn vertaling.

De kijker zal het vast niet opmerken, maar ik was best tevreden met m’n vondst.

Schermafbeelding uit de software met beide ondertitels vlak onder elkaar

Op de schermafbeelding van m’n software zie je beide ondertitels met een andere ondertitel ertussen.

gepubliceerd op 6 juni 2019 – aangevuld op 18 juni 2019

Debat Technologie en/in de Taalsector in Brussel

Op zaterdag 18 mei vond in de Campus Brussel van de KU Leuven een debat plaats met als thema ‘Technologie en/in de Taalsector’. Ik was een van de panelleden.

Het debat werd voorafgegaan door een keynotespeech van Rudy Tirry van vertaalbureau Lionbridge. In een halfuur tijd vertelde Rudy over de recente uitdagingen van technologie in de taalsector en gaf hij een vooruitblik op wat ons in de toekomst zoal te wachten staat.

Wat ik interessant vond, was dat hij voorspelt dat je als vertaler twee kanten op kunt met het oog op de technologische ontwikkelingen die er nog aan zitten te komen. Ofwel ga je voluit voor technologie en word je een echte ‘techno-vertaler’, ofwel ga je voor het supercreatieve vertaalwerk en word je wat hij een ‘bio-vertaler’ noemt. Waar de techno-vertaler zich richt op grootschalige, hoogtechnologische vertaalprocessen en post-editing omarmt, is de bio-vertaler iemand die zich in een niche begeeft waar hij/zij aan kleinschalige projecten werkt voor klanten die hoge kwaliteitseisen stellen. Na afloop heb ik hem gevraagd waar ‘bio’ nu eigenlijk voor staat, maar hij moest me het antwoord schuldig blijven…

Na Rudy’s keynotespeech werd het debat met de andere panelleden geopend. Zelf vertelde ik over mijn ervaringen met technologie in audiovisuele vertaling en mediatoegankelijkheid. De andere panelleden waren Tim Van Hauwermeiren, die werkt als conferentietolk voor het Europees parlement, en Christophe Declercq, die docent is aan de KU Leuven Campus Brussel. Aan de hand van enkele (soms boude) stellingen die Christophe ons voorlegde, kwam het debat al gauw op gang. Ook het publiek kreeg volop de kans om extra vragen te stellen, en dat gebeurde ook regelmatig.

 

Technologie en mediatoegankelijkheid

De eerste vraag die ik kreeg, ging meteen over technologie en mediatoegankelijkheid. Bij mediatoegankelijkheid is het je taak om audiovisueel materiaal toegankelijk te maken voor zo veel mogelijk mensen. Denk maar aan ondertiteling voor doven en slechthorenden, waarbij we niet alleen weergeven wat er gezegd wordt, maar ook hoe en door wie. Een ander voorbeeld is audiodescriptie, een techniek waarbij een extra vertelstem wordt toegevoegd aan een film of tv-programma zodat iemand die blind of slechtziend is alles goed kan volgen. Hier heeft technologie een belangrijke rol gespeeld om ons werk bij de gebruikers te krijgen.

Ik vertelde dat, toen ik me tien jaar geleden volop met audiodescriptie ging bezighouden, het erg moeilijk bleek te zijn om het aanvullende commentaar bij het doelpubliek te krijgen. In Nederland waren er welgeteld vier bioscopen die de nodige apparatuur hadden om audiobeschreven voorstellingen te organiseren. In België was er geen enkele, dus als daar een film met audiodescriptie vertoond werd, moest de apparatuur uit Nederland komen…

Sinds 2015 is er een app (de Earcatch-app) waarmee je als blinde of slechtziende heel eenvoudig een film of tv-serie kunt volgen, thuis of in de bioscoop. Voor de film/serie begint, download je de audiodescriptie in de app en dan wordt het extra commentaar automatisch afgespeeld.

Intussen wordt er ook gewerkt aan een vergelijkbare app voor ondertiteling en audiodescriptie bij live-voorstellingen. In het publiek bleek overigens een enthousiaste Earcatch-gebruiker te zitten, die nog maar eens benadrukte hoe belangrijk dergelijke apps voor haar als slechtziende zijn.

 

Het panel in volle actie tijdens het debat

De impact van technologie op het werk van de audiovisueel vertaler

Wat later in het debat kwam er een vraag uit het publiek over live-ondertiteling. Een mooi voorbeeld van hoe technologie wordt ingezet bij het werk zelf. Ik vertelde dat live-ondertiteling in het Nederlandse taalgebied vaak gebeurt door middel van spraakherkenning of respeaking. Daarbij herhaalt de ondertitelaar dat de sprekers zeggen waarbij hij/zij tegelijkertijd samenvat en indien nodig de tekst wat stroomlijnt. Vervolgens worden deze teksten in ondertitelvorm uitgezonden. Het hele proces duurt slechts enkele seconden, zodat het een supersnelle manier is om ondertitels aan te maken en uit te zenden. Zelf werk ik niet met spraakherkenning, maar in mijn team zit een ondertitelaar die spraakherkenningssoftware ook gebruikt voor niet-live werk. Daarnaast heb ik een tijdje samengewerkt met iemand die met een Veyboard  ondertitelde.

Tim Van Hauwermeiren, de tolk in het panel, voegde daaraan toe dat hij ook al experimenten met spraakherkenning / live-ondertiteling had bijgewoond en dat hem was opgevallen dat de interpunctie dan vaak ontbrak. Dat komt doordat de ondertitelaar niet alleen de tekst moet respeaken, maar terwijl hij/zij dat doet ook de interpunctie toevoegt. Dat is iets waar je in het begin voortdurend aan moet denken, maar wat daarna een automatisme wordt. Zozeer zelfs, dat een respeaker die ik ken ooit bekende dat ze na een lange werkdag de telefoon opnam met ‘hallo vraagteken’.

We mogen ook niet vergeten dat we als Nederlandstaligen nog heel veel geluk hebben dat er spraakherkenningssoftware bestaat voor onze taal. Voor ‘kleinere’ talen is dat vaak niet het geval en dan is snel typen het enige alternatief. Die opmerking bracht ons bij Afrikaanse talen, waarvoor automatische vertaling nog in de kinderschoenen staat.

 

Lang leve de technologie voor de audiovisueel vertaler?

Waar technologie naar mijn mening geen toegevoegde waarde heeft, is in het vertaalproces zelf. Ik vertaal veel commentaarteksten bij documentaires voor de VRT en daarbij is de opdracht expliciet om heel vrij te vertalen. In feite zou je het zelfs herschrijven kunnen noemen: wollige zinnen schrappen, grondig samenvatten, nieuwe informatie toevoegen… Het kan en moet zelfs allemaal om tot een tekst te komen die vlot leest en aangepast is aan het doelpubliek. CAT-tools en machinevertaling zijn nutteloos bij dat soort vertaalwerk.

Ook bij het ‘gewone’ ondertitelwerk zijn CAT-tools e.d. niet echt nuttig. Tijdens het debat gaf ik als voorbeeld het SUMAT-project, een groot onderzoek dat de EU een aantal jaar geleden gesubsidieerd heeft. Het uitgangspunt was dat ondertiteling bij uitstek geschikt zou zijn voor machinevertaling omdat het toch om korte zinnetjes gaat. Toen ik dat zei, klonk er gelach op uit de zaal. En inderdaad, het resultaat van die automatisch vertaalde ondertitels was erg pover.

Zelfs als de vertaalsoftware rekening houdt met de technische beperkingen die typisch zijn voor ondertiteling, dan nog gaat het vaak mis. Met die technische beperkingen bedoel ik het maximumaantal karakters dat er op een ondertitelregel past (meestal rond de 40 karakters inclusief spaties) en de leessnelheid. De leessnelheid is de verhouding tussen de tijd dat de ondertitel in beeld blijft staan en de hoeveelheid tekst in die ondertitel. Hoe korter de ondertitel in beeld staat, hoe minder tekst erin mag staan, anders krijgen de kijkers het niet op tijd gelezen.

Met deze twee parameters wordt tot op zekere hoogte rekening gehouden, maar het allerbelangrijkste is de context. En die context zit hem in ondertiteling vaak in het beeld én de manier waarop iets gezegd wordt.

 

Een donkerblauw notitieboek met het logo van de KU Leuven en een bijpassende pen

Na afloop van het debat kregen we een totaal niet-technologisch cadeau als bedankje

Machinevertaling in ondertiteling

Een klein voorbeeld. Een zinnetje zoals ‘Are you all right?’ kun je op veel verschillende manieren vertalen. Maar als het gezegd wordt door een soldaat in een oorlogsfilm die rakelings een kogel heeft weten te ontduiken en z’n strijdmakker kreunend naast zich ziet liggen dan is ‘alles kits?’ geen geschikte vertaling, ook al is het lekker kort… Een mens weet dat, een computer niet.

Op de receptie achteraf vertelde Rudy Thirry mij dat de huidige machinevertalingen daar heel waarschijnlijk wel rekening mee zullen houden omdat die contextgevoelig vertalen. In dit geval zou de software uit de voorafgaande ondertitels moeten kunnen afleiden dat het om een oorlogsfilm gaat, bijvoorbeeld doordat er wapens en munitie vermeld worden of doordat woorden als ‘soldaat’, ‘militair’ en ‘leger’ voorkomen in de film. Daardoor zal er eerder een passende vertaling voorgesteld worden als ‘Ben je ongedeerd?’ en niet ‘Alles kits?’. In die zin gaat de techniek dus heel snel vooruit.

Een laatste reden waarom ik niet geloof in het gebruik van machinevertaling bij ondertiteling is dat het alleen werkt als je een uitgeschreven brontekst hebt, maar veel ondertitelwerk gebeurt op gehoor.

 

Worden we allemaal vervangen door robots?

Het zal duidelijk zijn dat ik niet geloof dat vertalers snel vervangen zullen worden door robots, maar er zijn natuurlijk wel ontwikkelingen waardoor een deel van het werk geautomatiseerd zal worden. Ook wie zich bezighoudt met mediatoegankelijkheid ontsnapt daar niet aan.

Zo is er de automatische ondertiteling van YouTube, die weliswaar lang niet perfect is, maar soms kan helpen om je een idee te vormen van waar een video over gaat. Er wordt ook gewerkt aan apps die beelden kunnen herkennen en beschrijven, maar voorlopig leveren die nog geen al te beste resultaten op met bewegende beelden. En naast audiodescripties die worden opgenomen in een gespecialiseerde studio met professionele inlezers, wordt er volop geëxperimenteerd met synthetische stemmen, die soms niet van menselijke stemmen te onderscheiden zijn.

Tot slot hebben we het in het debat even gehad over crowdsourcing als mogelijke concurrentie voor de professionele markt naast machinevertaling, maar we waren het er vrij snel over eens dat dat wel meevalt. Veel vertaalwerk dat gecrowdsourcet wordt zou sowieso nooit bij een professionele vertaler belanden en veel crowdsourcers stoppen ook al heel gauw (vaak al na één opdracht, zo blijkt uit onderzoek). Als voorbeeld van crowdsourcing in mediatoegankelijkheid haalde ik Scribit aan, waarbij vrijwilligers YouTube-video’s beschrijven.

Kortom: in twintig jaar tijd is mijn werkomgeving grondig veranderd door technologie en de komende twintig jaar zal dat ongetwijfeld opnieuw gebeuren. Ik ben benieuwd wat de toekomst ons brengt!

gepubliceerd op 24 mei 2019

 

Het vertalen van rushes

De maand maart 2019 eindigde voor ons met een groot ondertitelproject waarbij we ‘rushes’ vertaalden. Rushes zijn ruwe filmopnames die nog verder verwerkt moeten worden. In dit geval ging het om opnames van interviews, waarbij de geïnterviewden bijvoorbeeld verschillende keren op dezelfde vraag antwoordden of dezelfde mededeling op verschillende manieren onder woorden brachten. Vervolgens worden uit die opnames de beste stukjes geselecteerd en in een nieuwe montage geplaatst.

De reden dat ons gevraagd werd om de rushes van de interviews te ondertitelen, was dat de persoon die de uiteindelijke selectie maakt, de taal van de geïnterviewden niet machtig is. Hij kan dus niet enkel aan de hand van de videobeelden beoordelen welke stukjes interessant zijn en wat weggelaten kan worden. Het kan dus best dat uit de anderhalf uur die wij vertaald hebben slechts twintig minuten behouden blijven.

Je zou misschien denken dat het saai is om verschillende keren dezelfde boodschap te ondertitelen, maar ik vind het juist interessant om te zien hoe de meeste mensen in het begin wat onwennig reageren en naarmate het interview verder gaat, ineens de camera lijken te vergeten en vol passie vertellen over wat hen bezighoudt.

Een vrouw wordt gefilmd terwijl ze een interview geeft.

Een vrouw wordt gefilmd terwijl ze een interview geeft.

Het komt trouwens niet zo vaak voor dat we rushes ondertitelen. Meestal krijgen we de afgewerkte montage en als we al op een voorlopige versie werken, dan gaat het om relatief kleine aanpassingen achteraf zoals kleureffecten in een bioscoopfilm of logo’s die worden toegevoegd in een bedrijfsfilm. Over het werken met voorlopig materiaal en de gevolgen daarvan voor de audiovisueel vertaler lees je meer in dit blogbericht: https://www.nevero.be/werken-met-voorlopig-materiaal/.

Juist doordat het zo weinig gebeurt, is het leuk om eens een stapje vroeger in het productieproces betrokken te zijn!

gepubliceerd op 5 april 2019

Ondersteunende ondertitels vs. ondertitels voor doven en slechthorenden

Veruit de meeste aanvragen voor ondertiteling die wij krijgen, zijn niet voor vertalende ondertitels (bijvoorbeeld uit het Engels in het Nederlands), ook al zou je dat misschien denken. De meeste klanten willen ondertiteling in dezelfde taal als de oorspronkelijke video, ook wel ‘intralinguale ondertiteling’ genoemd. Wij onderscheiden twee soorten hierin, nl. ondersteunende ondertitels en ondertitels voor doven en slechthorenden.

Bij ondersteunende ondertiteling geven we alleen weer wat er gezegd wordt in de dialogen. Deze ondertitels zijn vaak voor iedereen zichtbaar (‘open ondertiteling’ heet dat ook wel). Een voorbeeld zijn de ondertitels die je vaak bij filmpjes op Facebook ziet. Ze zorgen ervoor dat je ook zonder dat het geluid aanstaat de boodschap kunt volgen.

Een video met ondersteunende ondertiteling

Bij ondertiteling voor doven en slechthorenden gaan we nog een stapje verder. Hierbij geven wij ook aan wie er aan het woord is wanneer dit niet direct blijkt uit de beelden (sprekeridentificaties) en maken we duidelijk welke muziek en belangrijke achtergrondgeluiden hoorbaar zijn. Dit zijn de ondertitels die je via Teletekst kunt oproepen als je tv-kijkt of die je met een speciale knop kunt activeren bij een webvideo. Bij die knop staat vaak CC, wat de afkorting is voor ‘closed captions’ ofwel ‘gesloten ondertiteling’.

Voor beide soorten ondertiteling geldt dat wij in principe op gehoor werken, al is een dialooglijst of scenario altijd handig als basis. Onze manier van ondertitelen houdt in dat de tekst vanaf het begin wordt ingedeeld in ondertitels (d.w.z. één of hooguit twee korte regels per tekstblokje) die in logische grammaticale eenheden zijn opgesplitst. Daarnaast verzorgen wij de timing of spotting van de ondertitels, waarbij we bepalen wanneer elke ondertitel precies in beeld komt en wanneer de ondertitel weer verdwijnt. Hierbij houden we rekening met de beschikbare tijd (m.a.w. hoe korter een blokje in beeld blijft, hoe minder tekst we gebruiken). Uiteraard doen we hiervoor een beroep op ervaren ondertitelaars. Tot slot volgt een grondige controle van de ondertitels door een tweede persoon (eindredactie). Hierbij letten we op eventuele afluisterfoutjes en controleren we ook de ondertitels op spelling en grammatica.

Overweegt u om uw (web)video’s te laten ondertitelen en twijfelt u welke vorm het beste is voor uw project? Neem dan zeker contact met ons op. Wij helpen u graag verder!

gepubliceerd op 27 juli 2018

Hoe eenzaam is de vertaler

Beginnende vertalers schrikken vaak terug voor de eenzaamheid van het beroep. Maar hoe eenzaam is de vertaler nu echt? Ik deel graag mijn ervaring én ik geef je tips om toch nog onder de mensen te komen.

Op dinsdag 17 april was ik te gast aan de Campus Brussel van de KU Leuven, waar ik lesgaf aan de laatstejaarsstudenten van de master vertalen. Tijdens mijn gastcollege gaf ik een inleiding over mediatoegankelijkheid en meer in het bijzonder audiodescriptie. Dit jaar kreeg ik tussendoor veel vragen van de studenten, waardoor we het ook hebben gehad over het vertalen van documentaires, het werk van een stemregisseur en wat fansubs eigenlijk zijn. Een vraag die ik deze keer niet heb gehad, maar die ik soms wel krijg, is of het werken als vertaler/ondertitelaar/audiobeschrijver niet eenzaam is.

Als je in loondienst werkt, valt het met die eenzaamheid meestal wel mee omdat je dan vaak collega’s hebt die je elke dag ziet. Wie overweegt om als freelancer aan de slag te gaan, moet er wel rekening mee houden dat je, als je van thuis uit werkt, vaak alleen bent. Aan de ene kant betekent dat dat je in alle rust en stilte kunt doorwerken, maar aan de andere kant kan het soms ook té rustig worden…

Gelukkig zijn er mogelijkheden genoeg om aan de eenzaamheid te ontsnappen. Zo werk ik zelf een of meer dagen per week in een coworkingplek waar regelmatig activiteiten georganiseerd worden tijdens én na de werkuren. Op die manier kom je makkelijk met andere mensen in contact. Daarnaast zijn er ook online een aantal initiatieven waar je van gedachten kunt wisselen met collega’s. Voor vertalers is bijvoorbeeld de Facebook-groep GentVertaalt een echte aanrader.

Al bij al is het leven als audiovisueel vertaler dus lang niet zo eenzaam als je misschien denkt!

Affiche_tentoonstelling_Fernand_Léger_centraal_station_Brussel

Een affiche voor een tentoonstelling over Fernand Léger in het centraal station in Brussel.

Tijdens mijn wandeling door Brussel voor het gastcollege viel mijn oog op een affiche voor een tentoonstelling over Fernand Léger. De afbeelding kwam mij wel erg bekend voor en dat was niet zo vreemd, want een van de deelnemers aan mijn e-cursus had uitgerekend dat beeld gekozen om te beschrijven voor haar eindopdracht. En zo kwamen twee lesopdrachten ineens heel mooi samen.

gepubliceerd op 8 mei 2018

Vera’s stage bij Nevero

Tussen half februari en half april hadden we een stagiaire in huis. Hieronder beschrijft ze hoe ze haar vertaalstage bij Nevero heeft ervaren.

Als laatstejaarsstudente aan de Vertaalacademie in Maastricht was ik na het maken van honderden vertalingen op zoek naar een stageplek waar ik voor twee maanden nieuwe uitdagingen aan kon gaan. Zo kwam ik terecht bij Nevero. Hier zou een vak waar ik tijdens de opleiding nog niks over geleerd had centraal staan: audiodescriptie voor blinden en slechtzienden. Bovendien kon ik bij Nevero verder bouwen op de specialisatie die ik tijdens de opleiding gekozen had: Ondertitelen. Leuk!

Nu was tijdens de opleiding alleen vertalende ondertiteling van Engels naar Nederlands aan bod gekomen, en ging ik tijdens de stage vooral aan de slag met ondersteunende ondertiteling en ondertiteling voor doven en slechthorenden in het Nederlands. Dat was wel even omschakelen. Vooral de Vlaamse filmpjes waren voor mij als geboren en getogen Nederlandse even wennen. Moest ik die woorden en uitdrukkingen die mij zo onnatuurlijk in de oren klonken nu letterlijk in de ondertiteling zetten? En als er dan nog wat Frans bij kwam kijken werd het voor mij helemaal ingewikkeld. Zo werd er in één video gesproken over een beeldhouwer, waarvan ik de naam niet goed kon verstaan. Voor mij klonk het als Jan Dummeren. Even nagezocht op Google… en nee, dat klopte niet. Vervolgens heb ik gezocht op Vlaamse beeldhouwers met de voornaam ‘Jan’, maar zelfs zo kwam ik er niet uit. Kun je nagaan hoe verbaasd ik was toen stagebegeleider Susanne binnen één minuut de juiste naam had gevonden: Jan Desmarets. Die naam had ik ook voorbij zien komen, maar ik had er niet bij stilgestaan hoe deze naam zou klinken met een Franse uitspraak… Dat was een goede les, want reken maar dat ik nu op een andere manier kijk naar de namen en woorden die ik opzoek.

En dan natuurlijk de audiodescriptie. Wat een leuke, nieuwe manier om met taal bezig te zijn! Omdat je niet gebonden bent aan een brontekst, kun je er een hoop creativiteit in kwijt. Bovendien ben ik heel anders naar series en films gaan kijken. Een regisseur kiest voor bepaalde beelden met een reden. Als ik een stukje opnieuw bekeek om het na te kijken, zag ik weer dingen die me niet eerder waren opgevallen. Denk hierbij aan kleine dingen als een schilderij aan de muur dat in eerste instantie niet opvalt, maar dat wel iets duidelijk maakt in het verhaal. Verder heb ik geleerd om veel synoniemen te gebruiken. Mensen zien, kijken, turen en staren, werpen elkaar een blik toe, nemen elkaar op, enzovoort.

Al met al vond ik de stage erg leuk en leerzaam en wil ik Susanne en haar collega’s graag enorm bedanken voor alle lessen, feedback en hulp de afgelopen twee maanden!

Vera

Kantoor Officenter

Ons kantoor bij Officenter in Maastricht zag er een stuk leger uit toen Vera weg was!

gepubliceerd op 17 april 2018

 

Word jij onze stagiair(e) voor academiejaar 2017 – 2018?

De Belgische vestiging van Nevero biedt voor academiejaar 2017 – 2018 een stageplaats aan voor een laatstejaarsstudent die aan de slag wil als vertaler, ondertitelaar of audiobeschrijver.

Wie zijn wij

Nevero is een (ver)taalbedrijf dat gespecialiseerd is in audiovisuele vertaling en mediatoegankelijkheid. Wij vertalen, ondertitelen en schrijven voor diverse bedrijven en instanties in binnen- en buitenland. Daarnaast geeft Nevero-oprichter en eigenaar Susanne Verberk regelmatig gastcolleges, workshops en cursussen over (vertalend) ondertitelen, audiodescriptie en mediatoegankelijkheid.

Wie ben jij

De stagiair(e) die wij zoeken zit momenteel in het laatste jaar van een hogere vertaalopleiding. Je moedertaal is Nederlands en je studeert Engels én Frans als volwaardige vreemde talen (niet als derde vreemde taal).

Je hebt een brede algemene interesse en volgt onder andere de binnen- en buitenlandse politiek op de voet. Verder ben je leergierig en secuur en heb je een uitgesproken belangstelling voor audiovisuele vertaling.

Je stage

De vertaalstage vindt plaats tussen januari en mei 2018 en duurt minstens vier opeenvolgende weken. Om praktische redenen kan de stage niet worden gespreid over verschillende kortere periodes in de loop van het academiejaar.

Wat doe je?

Tijdens je stage werk je aan verschillende vormen van (audiovisuele) vertaling. Denk hierbij aan het vertalen en reviseren van ‘traditionele’ teksten (hoofdzakelijk uit het Frans in het Nederlands), het maken en nakijken van ondertitels (onder andere uit het Engels in het Nederlands, maar ook voor doven en slechthorenden) én het schrijven van audiodescripties (voornamelijk in het Nederlands). Daarnaast maak je van dichtbij kennis met het reilen en zeilen in een audiovisueel vertaalbureau (planning & projectmanagement, revisie & kwaliteitscontrole, …).

Foto: ouderwetse Amerikaanse brievenbus met nummer 12

Een foto van een ouderwetse Amerikaanse brievenbus met nummer 12

Interesse? Stuur vóór 30 november 2017 een mailtje naar susanne at nevero punt be waarin je jezelf kort voorstelt en uitlegt waarom deze stage je op het lijf geschreven is.

Even opletten: wij begeleiden geen studenten met een andere dan de hierboven vermelde talencombinatie. Als je niet aan al deze voorwaarden voldoet, kom je dus helaas niet in aanmerking.

gepubliceerd op 18 oktober 2017

 

Ondertitelen voor Netflix deel 2 – hoeveel minuten per dag

Toeval of niet, maar afgelopen week werd ik twee keer herinnerd aan het artikel dat ik eerder schreef over de inmiddels beruchte Netflix-test voor ondertitelaars. Toen de eerste berichten verschenen dat Netflix zogenaamd de hulp inriep van kijkers om programma’s te ondertitelen (wat overigens niet correct is), viel me al op dat veel mensen enorm overschatten hoe veel (of beter gezegd: hoe weinig) minuten je per dag kunt vertalen en ondertitelen. En met minuten bedoel ik hier uiteraard programmaminuten, niet het aantal minuten dat je bezig bent.

Eindtitel van een programma met 1074 ondertitels

Eindtitel van een programma met 1074 ondertitels

Als ik op de reacties op Facebook afga, denken de meeste mensen dat je makkelijk 10 minuten programma per uur kunt vertalen en ondertitelen. Tel daar nog bij dat vrijwel niemand doorhad dat de tarieven die vermeld werden de prijzen waren die de tussenbureaus krijgen, en ineens lijkt ondertitelen een enorm lucratieve bezigheid. 8 uur vertalen x 10 minuten x 11,50 dollar = 920 dollar per dag oftewel zo’n 815 euro, enkel en alleen om tv te kijken.

Maar helaas, die 10 minuten ondertitelen per uur is allesbehalve realistisch. Zoals ik hier al eerder heb geschreven, werkt een ervaren ondertitelaar ongeveer 20 tot 30 minuten programma per dag af, afhankelijk van hoeveel er gesproken wordt in het programma en de moeilijkheidsgraad.

De BZO (Beroepsvereniging voor Zelfstandige Ondertitelaars) geeft op haar website een heel mooi voorbeeld van een ondertitelaar die werkt aan een Amerikaanse politieserie van 42 minuten en die daar minstens twee dagen en misschien zelfs wel tweeënhalve dag aan bezig is. Dat komt dus overeen met 21 à 16,8 programmaminuten per dag.

De Europese vereniging AVTE (AudioVisual Translators Europe) gaat er zelfs vanuit dat je voor een programma van 52 minuten een volledige werkweek nodig hebt. Daarbij merken ze wel op dat het eigenlijke ondertitelen geen 40 uur in beslag neemt, maar dat je ook je vertaling grondig moet nakijken en dat opzoekwerk soms ook tijdrovend kan zijn. Daar komt nog bij dat veel ondertitelaars op freelancebasis werken, dus je moet ook tijd vrijmaken om je administratie te doen, contacten met klanten te onderhouden, opdrachten in te plannen en natuurlijk om blogartikelen te schrijven!

gepubliceerd op 2 juni 2017